De Rekenkamer Zeeland onderzocht de rol van de Provinciale Staten bij het proces rond de geplande nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Borssele en Rilland. Zij keek daarbij naar kritische succesfactoren van dit project dat Zuid-West 380 KV is genaamd, door inzicht te bieden in de kaders, de organisatie, het procesverloop en de rolinvulling. Het Rijk is bevoegd gezag van het project en de formele rol van het Provinciebestuur in dat proces was daarom beperkt. De Rekenkamer plaatst echter kanttekeningen bij de inzet en de wijze waarop deze rol van 2009 tot 2018 in de praktijk is uitgevoerd. De Rekenkamer Zeeland concludeert dat Provinciale Staten (PS) en Gedeputeerde Staten (GS) van Zeeland effectiever kunnen sturen op processen met de Rijksoverheid.
Doeltreffendheid van Provincie kan beter
Een groter urgentiegevoel aan het begin van het proces met het Rijk over de nieuwe 380 kV verbinding, had kunnen zorgen voor een betere kaderstelling door PS en het scherper en eerder in beeld krijgen van de betrokken provinciale belangen en mogelijke maatschappelijke onrust. Ook had op maatschappelijke onrust eerder geanticipeerd kunnen worden en had de verbinding met andere relevante interbestuurlijke processen beter benut kunnen worden. Indien bij de opzet en werking van de provinciale inzet meer rekening was gehouden met de in het onderzoek benoemde kritische succesfactoren, had de doeltreffendheid van de provinciale inzet beter kunnen zijn.
Drie aanbevelingen
De Rekenkamer doet PS drie aanbevelingen om de inzet van de Provincie Zeeland te versterken in processen waar zij in een afhankelijke positie met het Rijk opereert:
1. Denk majeure processen met het Rijk aan het begin strategisch door
Benut in de toekomst het begin van majeure processen beter. Dit is van groot belang gelet op het betrokken financieel, bestuurlijk, beleidsmatig en/of maatschappelijk belang. Bij de start is het belangrijk om het te doorlopen proces strategisch te doordenken en aan de hand daarvan expliciete kaders te stellen. Het stellen van kaders geeft richting aan de provinciale inzet en is noodzakelijk voor het uitvoeren van de controlerende rol door PS. Daarnaast draagt kaderstelling bij aan het bepalen welke inzet van GS en de ambtelijke organisatie nodig is.  
2. Maak een Provinciale strategische agenda voor majeure processen met het Rijk
Stel als PS samen met GS een strategische agenda op. Deze agenda dient overzicht te bieden op en inzicht te geven in de lopende en aanstaande majeure processen met het Rijk. Die agenda maakt het niet alleen mogelijk om op die processen beter te sturen. De agenda biedt PS en GS ook de mogelijkheid om tijdig te anticiperen en om de verbindingen tussen deze processen te leggen en te benutten.
3. Werk leerpunten verder uit in een bestuurlijke werkgroep
Laat de eerste twee aanbevelingen verder uitwerken door een bestuurlijke werkgroep. De Rekenkamer Zeeland geeft daarbij zeven handvatten mee die naar voren zijn gekomen in het onderzoek naar Zuid-West 380 kV:
  1. Spreek een eenduidige manier af met GS over hoe en wanneer PS worden geïnformeerd en controleer vervolgens of deze afspraken worden nagekomen. a. Doe dit proactief en wees attent op het reeds doorlopen proces. b. Wees bewust van de trechter die dergelijke processen veelal kenmerken.
  2. Borg in de afspraken dat GS PS tijdig informeren over substantiële wijzigingen in scope, inhoud of inzichten en ga na of de gestelde kaders nog steeds van toepassing zijn of aanpassing behoeven.
  3. Borg dat GS een passende organisatievorm en duidelijke organisatiestructuur voor het majeure interbestuurlijke proces opzetten.
  4. Toets bij de kaderstelling aan de voorkant van het proces en tijdens de uitvoering van het proces of voldoende expertise of contra-expertise beschikbaar is. Dit geldt vooral bij specialistische onderwerpen.
  5. Leg bij de kaderstelling aan de voorkant van het proces en tijdens de uitvoering van het proces verbinding met andere relevante ontwikkelingen en processen. Draag GS op bij beïnvloeding van inhoud en besluitvorming proactief de verbinding met deze ontwikkelingen en processen te leggen.
  6. Blijf inzetten op het samenbrengen en -houden van betrokken Zeeuwse gemeenten. Zet in op het formuleren van één gemeenschappelijke boodschap en verkondig deze gezamenlijk consequent en consistent.
  7. Wees alert op de impact die de ontwikkeling op korte of lange termijn kan hebben op inwoners en bedrijven in de regio. Zorg dat dit tijdig en proactief onder de aandacht wordt gebracht bij de samenwerkingspartners (Rijk). En organiseer proactief het netwerk met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties.
 
Download de rapportage
Infographic 380 kV
Download het persbericht